Als je hond een hernia blijkt te hebben, is dat best even schrikken. Wat betekent dit voor je viervoeter, is er gelijk een operatie nodig en wat kun je verder doen om de pijn te stillen? Hart voor Dieren zocht het voor je uit. Maar laten we beginnen met wat een hernia eigenlijk is.
Dat hernia’s pijnlijk zijn weten de meeste hondenbaasjes wel en dat het iets met de nek of rug te maken heeft ook. Maar verder…
Honden kunnen – net als mensen – hun rug en nek volop bewegen dankzij hun flexibele wervelkolom die uit allerlei wervels bestaat, lopende van de nek tot aan de onderrug. De wervelkolom heeft echter nog een belangrijke functie; hij beschermt de zenuwen die door het ruggenmerg lopen, het is hun ‘harnas’. Een belangrijke rol bij hernia’s is wegegeld voor de tussenwervelschijven. Die verbinden de ruggenwervels met elkaar en bestaan uit bindweefsel met een gelachtige kern.
Bij een hernia is zo’n tussenwervelschijf beschadigd waardoor de gelachtige kern uitdroogt, zich buiten de schijf kan begeven en daar op het ruggenmerg en zenuwen drukt. Dit verschijnsel kan zich voordoen op iedere plek waar een tussenwervelschijf zit:
Tekst gaat verder onder de afbeelding.

Een hernia wordt bij honden veroorzaakt door veroudering en slijtage, overbelasting of door een lichaamsbouw die een viervoeter extra risico op deze aandoening geeft.
Hoe je een beschadiging van een tussenwervelschijf kunt herkennen bij een hond verschilt, en is onder meer afhankelijk van de ernst en waar de beschadiging zit.
Symptomen nekhernia
Symptomen bij hernia in de middenrug
Symptomen bij hernia in lage rug
De tekst gaat verder onder de afbeelding.

Als je hond één of meerdere symptomen van een hernia laat zien, maak je een afspraak bij de dierenarts. Het liefst zo snel mogelijk omdat de aandoening erg pijnlijk is en je zekerheid wilt hebben. Mocht je hond verlammingsverschijnselen hebben, dan bel je met spoed de dierenarts, dus ook ’s avonds of in het weekend.
De dierenarts zal allereerst de nek, poten en de rug van je hond nalopen om te achterhalen welke bewegingen en welke drukpunten pijnsignalen uitlokken. Ook zal hij bij jou navragen hoe en wanneer de klachten zijn ontstaan. Vaak krijgt de arts hierdoor al een sterk vermoeden van een hernia. Om de exacte locatie van de beschadiging te achterhalen moet een CT- of MRI-scan gemaakt worden. Die zet een arts dikwijls pas in als je hond aan zijn hernia geopereerd moet worden, of als er ernstige twijfel bestaat over de oorzaak van de klachten.
De behandeling van een hernia start meestal met benchrust en medicatie. Dit betekent dat je je hond alleen mee naar buiten neemt om hem zijn behoefte te laten doen. Daarbij laat je hem kort en alleen rechtlijnig, over vlakke oppervlakten lopen. Binnenshuis rust hij. Op deze manier kan een hond soms zelf herstellen van een hernia, zeker wanneer deze in het middengedeelte van de rug zit en de klachten mild zijn.
Wanneer de klachten terug blijven komen – wat vaak het geval is bij nekhernia’s – of als de klachten zo erg zijn dat hond blijvend niet meer kan lopen, plassen of poepen, is een operatie noodzakelijk. En let op: Ook klachten die mild starten, kunnen in de loop van de tijd terugkomen of verergeren. Het is dus zaak om je hond goed in de gaten te blijven houden, ook bij volledige rust en na herstel.
Hoe de hernia operatief het best benaderd kan worden, is vooral afhankelijk van waar hij zit. Dit zal de dierenarts via een scan achterhalen. Daarom kunnen ook de risico’s en kans op volledig herstel per geval verschillen. Dit zal de arts vooraf uitvoerig met je bespreken. Schroom daarbij niet om zelf door te vragen als iets je nog onduidelijk is.
Over het algemeen geldt dat hoe eerder in het ziekteproces de hernia herkend is, hoe groter de kans van slagen van de behandeling is. Verder is ook een revalidatietraject na de operatie noodzakelijk om de kans op herstel zo groot mogelijk te maken.
Omdat de lichaamsbouw van een hond hem gevoeliger kan maken voor het ontstaan van een hernia, zien we de aandoening bij sommige hondenrassen vaker terug dan bij andere. Rassen waarbij je extra alert op deze aandoening moet zijn:
bron: Anicura, DierenDokters, Hart voor Dieren Magazine
Laat een reactie achter