Spondylose is een vorm van artrose (slijtage) van de wervelkolom, die meestal zonder merkbare symptomen verloopt. Als er toch klachten optreden, moeten deze onmiddellijk door een dierenarts worden behandeld.
Bij spondylose veranderen afzonderlijke wervelbotten. Aan de randen van de botten vormen zich uitsteeksels, de zogeheten osteofyten, die in de richting van het aangrenzende wervelbot groeien. In sommige gevallen worden deze botwoekeringen zo lang dat ze een soort brug tussen de wervels vormen. Deze veranderingen kunnen op één plek voorkomen, maar ontwikkelen zich vaker op meerdere plaatsen in de wervelkolom.
De osteofyten ontstaan het vaakst op de overgang van de borst- naar de lendenwervelkolom en van de lendenwervelkolom naar het heiligbeen. Spondylose kan de beweeglijkheid van de wervelkolom sterk beperken en pijn veroorzaken. In veel gevallen hebben honden geen klachten of zichtbare symptomen. Aan de andere kant komt het voor dat vage of milde symptomen niet serieus worden genomen.
Spondylose wordt gerekend tot slijtageziekten, die meestal bij oudere honden voorkomen. Toch kunnen ook honden op jongere of middelbare leeftijd dergelijke veranderingen in de wervelkolom vertonen. Vooral als er sprake is van een erfelijke aanleg. In principe kunnen alle honden spondylose krijgen, maar grote rassen zoals de Dutise herder en Retrievers lijken vooral vatbaar te zijn.
Mogelijk speelt ook lichamelijke belasting een rol bij het ontstaan van spondylose. In een studie van 2024 bleek dat reddingshonden vaker spondylose ontwikkelden dan gewone huishonden van datzelfde ras. Die studie was gebaseerd op de medische dossiers van Duitse herders en Labrador Retrievers die na de aanslagen op het World Trade Center en het Pentagon in 2001 werden ingezet.

De precieze oorzaak van spondylose is nog niet volledig bekend. Men vermoedt dat de aandoening ontstaat als reactie van de wervelbotten op instabiliteit in de tussenwervelschijven.
De wervelkolom van een hond bestaat uit wervels, gewrichten, banden en tussenwervelschijven die samen zorgen voor stabiliteit, flexibiliteit en bescherming van het ruggenmerg. De tussenwervelschijven werken als schokdempers en maken beweging soepel. Naarmate een hond ouder wordt, verliezen deze schijven hun elasticiteit. Hierdoor neemt de demping af, raakt de belasting ongelijk verdeeld en kunnen de gewrichten tussen de wervels geïrriteerd en minder stabiel worden. Osteofyten ontstaan vermoedelijk als een reactie van het lichaam om instabiele wervelverbindingen te stabiliseren door extra bot aan te maken.
Factoren die het ontstaan van osteofyten kunnen bevorderen zijn onder meer:
Er zijn ook botwoekeringen die het gevolg zijn van ontstekingsprocessen. Deze moeten anders worden behandeld, maar onderscheid tussen spondylose gerelateerde osteofyten en botwoekeringen door ontstekingen is niet altijd eenvoudig.

De meeste honden met spondylose hebben geen merkbare klachten. Soms kan de wervelkolom wat stijver aanvoelen door de botwoekeringen. In zeldzame gevallen groeien de osteofyten dicht bij zenuwkanalen en kunnen ze druk op de zenuwen veroorzaken, wat pijn of bewegingsproblemen tot gevolg kan hebben.
Sommige honden ontwijken aanrakingen of piepen wanneer de pijnlijke plekken worden aangeraakt. Veel honden met zenuwpijn door spondylose hebben moeite om op te staan, of om trappen op en af te lopen. Een definitieve diagnose van spondylose is alleen mogelijk via röntgenonderzoek van de wervelkolom.
Spondylose wordt alleen behandeld wanneer de aandoening klachten of pijn veroorzaakt. De pijn kan meestal goed worden onderdrukt met pijnstillers die door de dierenarts worden voorgeschreven. Gerichte bewegingsprogramma’s helpen spierspanning te verminderen en pijn te verlichten. Als de botwoekeringen zenuwbanen direct beschadigen, kan soms een chirurgische verwijdring van de osteofyten nodig zijn. Maar veel honden kunnen hun hele leven klachtenvrij blijven. Laat je hond vroegtijdig onderzoeken.
Laat een reactie achter